![]() |
Studieondersteuning Studentenpsychologen |
| Multiple choice-oefententamen | |
9. De Nederlandse en de Franse vlag stemmen met elkaar overeen
m.b.t. (I), maar verschillen van elkaar m.b.t. (II).
Hierbij moet voor I en II worden ingevuld
Dit antwoord is goed. Het zou kunnen dat je zo langzamerhand wat vermoeid bent geraakt of dat je genoeg krijgt van dit oefententamen. Dat kan ook gebeuren op een 'echt' tentamen en kan hinderen bij het scherp lezen en analyseren van de vraag en de alternatieven. Pauzeer even, kijk wat rond, ga naar het toilet, enz. Dat kost een paar minuten, maar de winst is groot. Voor de beantwoording van deze vraag is wat kennis vereist. Maar het is vooral nodig om scherp en zorgvuldig te lezen. Spoor de woorden op waar het om draait ,de zg. sleutelwoorden. In deze vraag zijn de twee sleutelwoorden: Nederlands en Frans en daarbij gaat het om (I) overeenstemming en (II) verschillen. Pak deze vraag systematisch aan en probeert niet alles tezelfdertijd te doen. De volgende methode helpt hierbij. Volgende vraag | |